Posts tonen met het label vroegah. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vroegah. Alle posts tonen

woensdag 11 november 2009

Sint Maarten

Een kleine anekdote.

Kleine Linda gaat met vriendjes en vriendinnetjes, plastic zakje en lampion op pad. Snoep collecteren en af en toe een verdwaalde mandarijn die uiteindelijk in de fruitschaal van moeders eindigde.
De avond begint aardig. Sinte sinte Maarten, de koeien hebben staarten. En het is droog weer. Ook altijd fijn.
4 deuren verderop voltrekt zich het betreffende drama. De aktie die leidde tot een trauma over Sint Maarten. Of eigenlijk meer een trauma tot de buren die woonde achter die deur.

Stel je voor. Allemaal kindjes voor de deur. We bellen aan. Linda staat een beetje vooraan, maar niet helemaal. Waardoor Linda dus midden in de vuurlinie staat.
Of de deur nou open ging en de buurman in de (veilige) opening stond en wij al aan het zingen waren of dat we nog aan het wachten waren op een teken van leven aan de andere kant van de deur. Ik weet het niet meer.
Het enige wat ik nog weet dat ik geheel onverwacht ineens drijfnat was. Van top tot teen. Door het water dat uit de emmer van de buurvrouw kwam. Van 2 hoog af.
Geen snoepjes. Zelfs geen mandarijnen. En bak water konden we krijgen.

Nadat ik druipend in een woonkamer vol met verjaardagsvisite (paps jarig op 11-11) had staan huilen (denk ik) is paps maar even meegegaan om te vragen waar dat nou op sloeg dan.

Het commentaar van de buurman: "mijn vrouw houdt niet zo van kinderen" .

Als straf hebben mijn neef en ik de week erna heul veul besjes met een blaaspijp door het open raam naar binnen geblazen. Ik hoop dat ze op / in hun bed of hoogpolige tapijt belandt zijn en lekker zijn ingelopen en heel veel rotzooi hebben gemaakt.
Of dat ze vol met ongedierte zaten. Die besjes. En dan daarna ook hun bed.
Ofzoiets.

dinsdag 4 augustus 2009

Valsheid in geschriften #2

En toen bedacht ik me dat ik nog een keer valsheid in geschriften heb gepleegd als tiener.
Maar dat liep mis. Ik werd gesnapt. Het zat zo.

Mijn vader heeft een eigen zaak en om die reden hadden wij een kopieerapparaat in huis staan. Misschien een beetje vreemd, maar wel handig.
En niet alleen een kopieerapparaat, maar ook een tekstverwerker. Of een typmachine, daar wil ik vanaf zijn. In ieder geval geen PC, die waren er in die tijd nog niet.
En mijn vader typte dus altijd zijn briefjes. Dus ook briefjes voor school. Afwezigheidsbriefjes zeg maar.
Het hoe en wat weet ik niet meer, maar op een keer had ik zo´n briefje nodig in verband met illegale afwezigheid op school. Gezien de illegaliteit van de afwezigheid kon ik niet aan mijn vader vragen om een briefje te maken. Dussss. Heb ik er zelf 1 gemaakt. Alla paps. Dus ondertekent met “de vader” (zoals mijn vader altijd deed) en dan een handtekening.

En daar zat ´m nou net de kruks. Die handtekening. Want dat briefje was geen probleem, niemand die kon zien wie het briefje getypt had. Maar ja, die handtekening. Nou was is de handtekening van mijn vader niet al te ingewikkeld. Door het vake zetten heeft hij ´m in de loop van de jaren, waarschijnlijk onbewust, versimpeld. Maar ja, dan kan het wel een simpele handtekening zijn, je moet ´m toch maar even zetten. Zo uit de losse pols. Zonder bibberen en in 1 vloeiende beweging. Dat moest geoefend worden.

Dus printte ik het briefje “van” mijn vader en kopieerde dat een heleboel keer. Zodat ik kon oefenen. Op het briefje zelf, want als ik dan een goeie had, dan was ´t meteen klaar.
Zo geschiedde en tot zover niks aan de hand. Totdat.

Totdat mijn vader het kopierapparaat ging gebruiken en daar, op de glasplaat, het originele briefje vond. Muts.
Vergeten weg te halen.

maandag 3 augustus 2009

Valsheid in geschriften

In Duitsland heeft een meisje van 14 geprobeerd een disco binnen te komen met een vervalst ID-bewijs.
De geboortedatum vervalst. Slim. Naar 60 jaar eerder. Niet zo slim. 1995 in 1935. Dus ze was ineens 74. Gewoon dom dus eigenlijk. Waarom niet 1985 van gemaakt ? Net zo makkelijk en een stuk geloofwaardiger lijkt mij. En ik kan het weten.

Ik heb ook ooit een ID-bewijs, vervalst. Ook om de kroeg in te kunnen komen. Een oud rijbewijs van m'n paps. Die had ie mogen houden omdat er toen geswitched werd van een groter formaat naar een kleiner exemplaar.

Een verlopen rijbewijs dus. Dus de geldigheidsdatum moest aangepast worden. En de foto. En de geboortedatum. Oh ja en het formaat dus, maar dat was het makkelijkst, gewoon met de schaar.
Ook de foto was niet al te ingewikkeld. Toendertijd zaten de foto's vast met 2 koperkleurige ringetjes die dwars door de foto heen gejenst waren.
Het enige dat ik hoefde te doen was de foto van mijn vader er tussenuit halen en mijn eigen foto er een beetje tussen pielen. Beetje lijm. Rijbewijs in een hoesje. Bleef netjes zitten.
De stempel op de foto van mijn vader was al zo vaag dat ik gewoon met een pen wat heb zitten pielen en dat dan weer wegveegde, bleven er restje inkt op de foto achter. Net als van de stempel.

Ook de datums waren niet zo'n probleem. Beetje tipp-ex op de datum, hard laten worden, weer eraf krabben en vervolgens bijwerken met een potlood. Voila.
Mijn vader is uit 1946 en ik weet niet meer precies wat ik ervan gemaakt had. Iets in de 30 moest ik volgens mij zijn. En aangezien ik dus nog geen 18 was zal het begin jaren negentig geweest zijn. Dus waarschijnlijk heb ik er 1966 van gemaakt.
Ik leek natuurlijk ook geen eind 20 toen ik nog geen 18 was, maar ik ging er dan maar vanuit dat de portier van de betreffende kroeg niet heel goed naar de datum zou kijken, of de datum niet goed zou kunnen zien in de donkerte. Het feit dat ik met een rijbewijs liep bewees tenslotte al dat ik 18+ was ... toch.

Ik weet nog dat het werkte. Dat ik de kroeg in mocht. Gezellig avond gehad. En dat we buiten stonden, te wachten op iemand ofzo. En dat de portier naar mij toe kwam lopen. En vroeg "Ben jij Linda B. ?" En dat ie met mijn rijbewijs vooruit gestoken eraan kwam lopen.
Ik schrok me de t**ing natuurlijk, dacht dat ik door de mand was gevallen en mooi kon fluiten om ooit nog naar binnen te kunnen. Of dat ie de politite zou bellen en dat ik opgepakt zou worden wegens valsheid in geschriften. Ik zag mezelf al in een cel zitten met junkies en dronken gasten. Alleen omdat ik zo graag die kroeg in wilde.
Maar gelukkig niks van dit alles. Ik was het stomme ding gewoon verloren. Uit m'n zak gevallen in die kroeg. En de beste man kwam 'm mij even brengen. That's all.

Ik kan me niet herinneren of ik het rijbewijs nog vaker heb gebruikt. Ik weet niet eens waar het gebleven is. Weg kwijt, foetsie.

Ik heb maar geen aangifte gedaan van een verloren rijbewijs. Leek me niet zo slim.

woensdag 22 juli 2009

Als puber in Gatteo

15 was ik. Een echte puber. En ik wilde niet. Ik wilde heeelemaal niet. Op vakantie. Want ik had net een soort van een vriendje. En de ouders van dat vriendje gingen ook op vakantie. Dus al mijn vrienden bivakeerde bij dat vriendje thuis. Maar ik niet. Ik moest met mijn ouders en zussie mee op vakantie naar Italie. Wat een hel.

Nou, alles behalve dat dus. Bleek later. In ieder geval na een lange autorit die ik me niet meer kan herinneren maar waarin ik ongetwijfeld zwaar puberaal geweest zal zijn. Vakantie een hel voor mij, dan de autorit een hel voor mijn ouders. Zoiets zal het wel geweest zijn.

In het hotel (dit hotel, waar ik nu ook zit te typeren) dook ik een Duits vriendinnetje op en samen met haar gigen we 's avonds richting LunaPark a.k.a. de kermis a.k.a. de hangplek voor jongeren.

Oh, en ineens schiet me een herinnering te binnen. Wij 's avonds op het strand met een stel jongens. En die jongens waren, net als veel Italiaanse jongens, nogal opdringerig. Dus wij wilde van ze af, maar zij niet van ons. En nou wil het feit dat Italiaanse jongens van een jaar of 16 (toendertijd) nogal bangig waren voor de politie. En de politie hier heeft het niet zo op drugs. En ik kwam uit Holland, het land van de drugs. En ik had plekjes aan de binnenkant van mijn elleboog. Gewoon van de allergie, maar dat wiste zij niet natuurlijk.
Ik maakte van het vooroodeel een voordeel en verzon ter plekke dat die plekjes gaatjes waren, van de injectienaalden. Ja duhhuh, ik kwam toch uit Holland, Amsterdam nog wel, wat dachten zij dan. Missie geslaagd, weg waren ze. Hahaha, sukkels.

Maar goed, zij waren het niet die mijn vakantie uiteindelijk zo leuk maakte. Dat was Daniel. Soort van liefde op het eerste gezicht. In de botsauto's. De rest van de vakantie ben ik amper nog in mijn hotel geweest en heb ik het Duitse vriendinnetje eigenlijk ook niet meer gezien.
Zodra ik de kans had was ik met Daniel op stap. Overdag naar het strand. 's Avonds ook. Gewoon lopen natuurlijk ... op dat strand ;-) of hangen bij het LunaPark.
En ook een keer naar die bekende rotsen. Doordat de zee heel erg ondiep is kun je bij eb naar de rotsen lopen. Kleren uit en boven je hoofd en wadden maar. En dan klimmen, de rotsen op. In het donker. En heel erg uitkijken dat je er niet afglijdt of je voet openhaalt, of per ongeluk ik een stuk vis trapt (van de vissers die overdag op de rotsen zitten te vissen). En dan op die rotsen ... zitten... zeg maar.

Ik zal niet teveel uitwijden over de aktiviteiten die wij zoal ondernamen, maar feit was wel dat Daniel goed was voor mijn ego, want wat een stuk zeg (als ik thuis ben zal ik m'n best doen een foto op te duikelen). En welk meisje van 15 kan dat niet gebruiken, een beetje zelfvertrouwen. Maar ja, dus wel een Italiaan. En ook al was ik 15, ik snapte natuurlijk wel dat deze bruin gespierde hunk het leuk vond voor 2 weken en dan gezellig verder zou gaan met de eerste de beste sloerie die voorbij kwam. En dat zal ie ook wel gedaan hebben.
Maar tegen alle verwachtingen in kreeg ik ook brieven van hem. En foto's opgestuurd. En een leren bandje met zijn naam erin gestanst.
En de zomer erna kreeg ik een ansichtkaart vanuit Gatteo. Dat hij er was en op me zat te wachten. Hoe lief !!
3 jaar lang was hij mijn vakantielover, das toch best heel wat voor een Italiaan. En aan deze 3 jaar heb ik dus ook weer leuke herinneringen.

Mijn ouders waren trouwens niet zo blij. Zo saggo als ik was op de heenreis, zo verdrietig en nog veel saggo-er was ik op de terugreis.

Oh ja en dan nog even voor de duidelijkheid, met dat vriendje waar ik het in het begin over had heb ik nog jaren een knipperlichtverkering gehad. En ondanks dat hij het misschien niet helemaal heeft geloofd ben ik hem wel altijd trouw gebleven. Die eerste zomer met Daniel was het nog niet echt "aan". En de tweede en derde zomer was het net effe "uit". Tsja. Het knipperde in mijn voordeel zeg maar.

dinsdag 21 juli 2009

Nog zo'n herinnering

Ook zo'n half vergeten herinnering.
Mijn vader kwam er gisterochtend ineens mee aanzetten. Bomboloni's. Bomboloni's met creme. Niet met jam, zeker niet met jam.
In tegenstelling tot nu waren er vroegah niet van die uitgebreide ontbijten met yoghurt en fruit in het hotel. Vroeger moesten we het doen met brood en jam.
En dat kreeg ik dus echt niet door m'n strot, vroeger. Brood met jam in de ochtend. Nu nog niet. Brood met wat dan ook in de ochtend krijg ik niet eens door m'n strot. Daar moet ik eerst even een tijdje wakker voor zijn.
Maar Bomboloni's dus wel. En dus kocht ik 's morgens bij de stranttent naast onze stranttent (want onze stranttent had met jam) een bomboloni met creme. Als ontbijt.
Later deden mijn zusje en ik dat omdat we te laat wakker werden voor het ontbijt of haalden we er 1 midden in de nacht bij de warme bakker aan het einde van het dorp.
Bomboloni's met creme. Mmmmm.

zondag 19 juli 2009

Als kind in Gatteo

Als klein meisje kwam ik hier al. Gatteo Mare. OK, eerlijk is eerlijk, als klein meisje kwam ik niet in Gatteo, maar in Villamarina. Het buurdorpje van Gatteo en geruisloos in elkaar over lopend. Een kniesoor die daar op let. Zelfde strand, zelfde zee.
En nu ik hier weer over dat strand loop en in die zee zwem, of zit, komen er weer herinneringen naar boven.

In de zee vroeger en nu zijn er veel oesterachtige schelpjes te vinden. Parelmoer. En welk klein meisje vind dat nou niet mooi. Ik verzamelde mijn schatten in een emmertje. Parelmoere schelpjes, maar ook dubbele schelpen. Bruine schelpen die nog op elkaar zaten en met geen mogelijkheid van elkaar te krijgen waren. En slakkenhuisjes. Niet zoals slakken bij ons in de tuin, maar meer van die hoorntjes. Geweldig exotisch vond ik die.
De hele vakantie stond dat emmertje op het balkon, alwaar het de dag voor vertrek altijd weg werd gehaald door het kamermeisje.... zeiden mijn ouders.

Toen ik iets ouder was zwom / liep ik altijd naar de rotsen om mosselen voor mijn vader te plukken. Van de rotsen die er nu nog steeds zijn. De mosselen zijn echter allemaal al weggeplukt. Met mijn emmertje vol mosselen mocht ik dan de keuken van het hotel in en maakte de kok de door mij geplukte mosselen voor mijn vader klaar. Ik blij, hij blij.
Met die koks heb ik ook nog wel eens samen gegeten. Met de hele Italiaanse familie en het hotelpersoneel, achter het hotel aan een hele grote tafel. En daar hadden ze dan chips als bijgerecht bij het eten. Raar vond ik dat, maar wel lekker.

Ik heb ook 2 van mijn meest angstige momenten beleefd daar. Nou ja, als kind dan hè. Geen enge beesten of enge mensen, nee, waterpistolen en waterbedden. Jaha, doodeng.
Waterpistolen
Bij het hotel hoorde een soort van privéstrandje waar je overheen moest om bij het grote strand te komen. Althans, zo herinner ik het mij. En op dat strandje lagen allemaal jongeren. Geen idee hoe oud ze waren, maar natuurlijk wel oud in mijn beleving. En die gasten hadden waterpistooltjes en schoten elkaar nat. En ik stond ernaar te kijken. En toen kreeg ik ook een pistooltje van 1 van die gasten en mocht mee doen. Hartstikke leuk natuurlijk.
Maar even later (of misschien wel dagen later) wist ik niet meer van wie ik dat waterpistooltje nou had gekregen, maar ik moest het wel teruggeven natuurlijk. En dus heb ik het maar aan iemand gegeven, daar op dat privéstrandje. En die bedankte me hartelijk.
Maar de volgende dag werd ik aangesproken door de rechtmatige eigenaar van het pistooltje, in het Italiaans, dus niet te verstaan. En ik hoefde het ook niet te verstaan om te begrijpen wat er bedoeld werd. Maar ik kon natuurlijk niet duidelijk maken dat ik het pistooltje aan iemand anders had gegeven en trouwens dus ook niet meer wist aan wie dan.
Dus ben ik weggerend. Ik was een jaar op 5 hè !
En iedere keer dat ik die vakantie over dat privéstrandje moest om bij het grote strand te komen stond ik doodsangsten uit. Dat ze me weer zouden aanspreken. En dus rende ik iedere keer over dat strandje, zo hard als ik kon. Mijn ouders zullen er wel niks van gesnapt hebben.
Waterbedden
Een paar jaar later waren we weer in dit hotel. Dit keer samen met vrienden van mijn ouders en hun 2 kids. Het jongste kindje kende ik goed, ze was een jaar jonger dan ik en van kleins af aan kwamen we zo nu en dan bij elkaar over de vloer.
Op een avond gingen onze ouders een stukje lopen en wij bleven in het hotel. Aan de achterkant van het hotel lagen de luchtbedden van de hotelgasten opgestapeld. 1 grote stapel luchtbedden. C. stelde voor om ze leeg te laten lopen. Als grapje. En dat leek me wel wat. Haha, lachen. Dus ik begon aan de dopjes te poeren. Neehee, niet de dopjes, gewoon bijten, dat gaat veel sneller. Of iets van die strekking zal ze gezegd hebben.
En ondanks dat ik dondersgoed wist dat dit dus een NO GO was en me er ook niet zo prettig bij voelde deed ik toch mee. En zo hebben wij met z'n 2en alle luchtbedden van het hotel lek gebeten.
's Avonds in de hotelkamer voelde ik me toch wel heel erg schuldig en heb ik alles aan m'n moeder opgebiecht (aan m'n vader durfde ik niet). De volgende dag is mijn vader naar de receptie gegaan en heeft alle luchtbedden vergoed.... sja.

Dit zijn 2 herineringen die ik niet meer zal vergeten, maar sommige herinneringen zitten goed wegegstopt en worden onverwachts ineens weer tevoorschijn getoverd. Zoals het halen van een granita (geschaafd ijs met limonade) aan de bar van het hotel, een biertje voor m'n moeder halen op het strand (uno biera) of de chemische ballonnen.
De chemische ballonnen. Ik denk dat mijn zusje en ik ieder jaar een setje kregen van 3 kleuren. Blauw rood en groen. Een blaaspijpje en een tube met een soort rubberachtige substantie. De bedoeling was om dat rubberige spul op het blaaspijpje te smeren en er dan een ballon van te blazen. Die ballon bleef dan langer leven als een zeepsopballon, maar kleefde aan alle kanten waardoor je 'm ook wel weer snel stuktrok.
Dat spul was ik helemaal vergeten. Totdat ik het van de week ineens in een speelgoedwinkel zag liggen. En meteen rook ik in gedachten die chemische rotzooi weer. Laat toch hangen, riep Ro, wat moet je ermee. Nou ja, niks, maar toch jeugdsentiment. En dus kocht ik het. 1 voor mij en 1 voor zussie. En eigenlijk moeten we het dan weer samen doen. Gewoon voor de herinnering.

maandag 20 april 2009

Stoerheidshormoon

Ik droog m'n haar en m'n oorringetje blijft in de handdoek haken en schiet los. Auw. Oh ja, oorring in en gaatje een beetje ontstoken.
7 gaatjes (ja, 7 ja) totaal maar ik heb eigenlijk nooit oorbellen in. En omdat ik ze niet dicht wil laten groeien moet ik af en toe iets een bel in doen. Stamt nog uit mijn tiener-ik moet stoer-doen tijd. Die 7 gaatjes.
Hetzelfde hormoon zorgde ervoor dat ik op een Puch Macho reed. Neehee, niet een Puch Maxi, no way, die moest je aantrappen met trappers, als op een fiets. Of aanrennen. Pfff. Mijn Puch Macho had een heuze kickstarter. Zwaar onhandig als ie niet wilde starten, want je kon rennen tot je een ons woog, hij ging niet aan.

En natuurlijk heb ik mijn gitaarervaringen aan dit hormoon te denken. Jaja, gitaarervaring dus.

Een aantal van mijn vrienden speelden gitaar en Pink Floyd en vooral Dire Straits werden vaak gedraaid op feestjes en get togethers. Dus stoer. Gitaar spelen was stoer.
En dus deed ik ook een poging.
Bij een muziekwinkel in de Vijzelstraat kocht ik samen met mijn vader een witte Fender en een Rickenbacker versterker. Bij thuiskomst belde ik mijn neef en hij heeft mij, in een heeeel lang telefoongesprek uitgelegd hoe ik Hotel California van The Eagles moest spelen. Natuurlijk kende ik geen accoorden of grepen, dus het ging zoiets als: "je legt je wijsvinger over alle snaren in het 2e vakje en dan druk je met je middelvinger in het derde vakje de 3e snaar van boven in en met je ringvinger het vierde vakje vierde snaar" of zoiets. En dan dus alle accoorden door. En het is best een lang liedje, Hotel California, dus veel accoorden.
Want ja ik wilde natuurlijk wel leuke kampvuurliedjes kunnen spelen. En dus oefende ik me suf, met mijn uitgetekende accoorden.
Mijn zusje (destijds een jaar of 10) moest het liedje ook leren en verplicht meezingen terwijl ik de accoorden speelde. Want hé, spelen en zingen tegelijk lukte me natuurlijk niet.

En toen moest ik op gitaarles. En zoals het een goed Amstelveens meisje betaamd ging ik op gitaarles bij de muziekschool. Noten leren. En suffe liedjes. When the saints go marching in. En vingeroefeningen. En m'n nagels niet te lang. Niet dat ik nou zo'n fan was van lange nagels, maar zodra je nagel boven je vinger uitkomt is gitaarspelen al lastig. Wel als je net begint in ieder geval.

Ik heb zelfs nog op een blauwe maandag in een soort van Big Band gezeten. Ik heb me niet vaak zo lullig gevoeld. Vriendin V. die net begonnen was met saxofoon wilde graag in die Big Band, van de muziekschool. En zij kon al wel een nootje of wat blazen. Dus ik ging mee. Maar kon geen noot lezen en geen accoord spelen. Dus ik zat daar dan maar een beetje zachtjes iets te plingelen. 2 keer ben ik geweest denk ik. 2 keer en nooit meer.

Sommige mensen komen dit soort dingen op natuurlijke wijze binnen zetten. Niet bij mij. Degene die mij een beetje kennen of mij ooit per ongeluk hebben horen zingen, weten hoe NOT muzikaal ik ben. Het werd dus geen succes.
Terwijl ik dit blogje typ valt mijn oog op Ro's gitaar die hier in een standaard staat. Zal ik 's ... ?

Nee, laat maar, dat hormoon is ondertussen wel een beetje uitgewerkt. Een beetje, niet helemaal.

maandag 30 maart 2009

Zo'n verhaal


Zo´n verhaal dat je al vaak hebt verteld. En waarschijnlijk ook nog wel vaak zal vertellen. Soms een beetje aangedikt en soms niet.

Dit verhaal is niet aangedikt. Echt niet ! Het is al dik genoeg van zichzelf.


Het is 1996. Ik rij met mijn ex-vriend terug in de auto van Apeldoorn naar Amstelveen en we hebben ruzie. Ik weet niet meer precies waarover, maar het zal er ongetwijfeld iets mee te maken hebben gehad dat hij spijt had van de break en ik al een ander vriendje.

Nee ik ben geen sloerie, ik ben nog steeds met dat “andere vriendje” en het ex-vriendje is zelfs mijn enige echte ex-vriendje, dus.

We komen van de begrafenis van zijn oma af. Omdat ex-vriendje zo´n 6 a 7 jaar lang nog vriendje heette, en dus ook nog in een periode dat we nog bij paps en mams thuis woonde, kende ik ex-oma goed, dus ik was mee.

In de auto van m´n moeder, een peugeotje 205, een rooie. Ik had namelijk op dat moment wel een autootje (een witte Fiat Panda met zwarte koeienvlekken over de roestplekken en een bijbehorend toetergeluid) maar daarmee durfde ik de snelweg niet echt op. En al helemaal niet helemaal naar Apeldoorn.

Ik rij We rijden dus in dat autootje en we hebben ruzie. Dus we besluiten even te stoppen op een P. Langs de snelweg. Om het even uit te praten. Ofzo. Ik weet niet meer precies waarom we stopte, maar we stoppen dus. En praten. Ja echt, praten. Ruzie dus.

Vlak achter ons stopt een vrachtwagen. In eerste instantie besteden we er geen aandacht aan alhoewel ik het wel raar vond dat ik in mijn achteruitkijkspiegel zie dat hij zijn koplampen aan laat staan. En waarom zet ie die wagen zo dicht achter ons? Er is toch genoeg plek op die P.

Ineens wordt er aan de bijrijderskant (de kant waar toch vaak nog de vrouwen zitten, maar dus niet in dit geval) op het raampje getikt. We schrikken ons natuurlijk rot want dit hadden we niet aan zien komen.

Tik tik. Ex draait raampje een klein beetje open.

"Ja?"
"U mag wel in de wágen komen hoor" … ik hoor die zachte G nog steeds.

Ex antwoordt, netjes opgevoed en Amstelveens als ie is: "Nee, dank u wel."

Want, tsja, wat moesten wij nou in die wagen. Beetje rare vraag. Dat wel. Maar voor ons nog geen reden tot vermoeden wat er ging volgen dus we gaan fijn door met ruzie maken.

In mijn achteruitkijkspiegel zie ik nu dat de vrachtwagenchauffeur zijn cabinelicht ook aan doet, maar ik kan verder niet zien wat ie daar aan het doen is.
Ineens zie ik ´m de cabine uitkomen en naar mijn deur lopen. Ik schrik me de t*ring en draai me om om de deur op slot te klikken. Terwijl ik m´n focus van het knopje op de deur afdraai kijk ik recht naar de vrachtwagenchauffeur.

Hij staat naast mijn raampje. Met alleen een T-shirt aan. Ik herhaal: alleen een T-shirt aan. Verder helemaal niks. En ik weet niet of je het doorhebt, maar als je in een auto zit kijk je iemand dus niet recht in z´n blauwe ogen. Nee, dan kijk je op “waar het T-shirt ophoudt” hoogte. En normaal zit daar dan een broek. Maar nu niet. Geen broek. Wel een hand. En die is bezig, die hand.

Ik heb nog nooit zo snel een auto gestart (die door de zenuwen niet wilde starten natuurlijk) en ben weggereden, met mijn gedachten in mijn geheugen gebrandt:
oh god, laat m´n moeders auto kwak-vrij zijn

dinsdag 10 maart 2009

Een bakje voor de appelmoes

Pfff. Ziek thuis. Virus in m'n darmen. Of maag.
Gelukkig niet hondsberoerd, maar wel teveel tijd op de WC en te zwakjes om te kunnen werken.
Dus thuis. Wisselend van bed en bank. De kleine is met z'n papa mee naar gitaale kijken en naar de ballenbak en ik kom de dag door met thee, bouillon en crackers met kaas.

Dus niet te ziek om de blogjes die ik volg te lezen. En dan kom ik dus ook bij haar.
Ik was al nieuwgierig naar wat ze bedoelde met dit bericht en nu weet ik het.
En ik bedenk me dat ik mezelf niet zo zielig moet vinden, met dat virus. Hooguit een weekje last en niet eens hondsberoerd. Er zijn genoeg mensen die zich langer beroerder voelen.

En daar kunnen we (=iedereen) dus in sommige gevallen iets aan doen ! Jaha, u leest het goed. We kunnen er iets aan doen. Als je wilt dan. En misschien niet nu, maar na je dood, als je er toch al niks meer van merkt, is dat niet handig? Ik heb het over orgaandonatie.

Ik ben gelukkig nog niet veel dierbaren verloren. Alleen mijn opa en oma zijn zo'n 11 en 12 jaar geleden overleden. Allebei gecremeerd. Zo gaat dat in mijn familie. Geen gelovige gronden om te begraven en de nabestaanden hebben ook geen behoefte aan een herdenkingsplekkie. Althans, dat denk ik. Ik tot op heden niet in ieder geval. Ik zou me misschien zelfs verplicht voelen om 1 x in de zoveel tijd langs het graf te gaan, terwijl ik daar zelf geen behoefte aan zou hebben.

Ik heb mijn eigen herdenkingsplekkie spullen. Toen mijn opa en oma kleiner gingen wonen ging ik net "op mezelf" dus het overschot aan potten en pannen van opa en oma vond logischerwijs een mooi plekkie in mijn keukenkastjes.
Een aantal van die potten en pannen zijn ondertussen vervangen of kapot, maar ik heb er nog wel een aantal. En vooral dat ene rode bakje doet 't 'm. Als ik vroeger bij mijn opa en oma at, dan aten we vaak appelmoes. En die zat dan altijd in dat rode bakje.
Dus als ik nu in de kast kijk en dat rode bakje zie staan moet ik altijd even denken aan mijn opa en oma, daar heb ik geen graf voor nodig. Het rode appelmoes-bakje is hun graf... hmmm dat klinkt wat raar.

Maar goed, waar wilde ik nou eigenlijk heen. Mijn opa en oma zijn dus gecremeerd. En al hun organen met ze. Dat is toch zonde? Kijk, mijn opa en oma waren al oud, dus ik denk niet dat hun organen iets hadden kunnen bijdragen, maar you'll never know.
Zonde dus gewoon.
Ik denk dat ze daar dus zelf gewoon niet bij stil hebben gestaan. Of hun kinderen, om daar aan te denken.

En was het nou zo geweest dat iedere Nederlander automatisch donor was tenzij anders aangegeven, dan hadden ze er dus wel over na moeten denken. En dat is alles wat er nodig is. Denk ik. Dat er mensen over nadenken. En dat er dan natuurlijk ook mensen zijn die het wel doen. Ieder z'n eigen keuze, dat respecteer ik natuurlijk. Maar denk er over na !

Vandaag de dag is het zo dat je per definitie geen donor bent tenzij je je hebt opgegeven. En das geen handige methode. Niet voor mensen zoals ik. Ik wil namelijk wel, maar het is "gedoe".
Voor iemand die er wel aan denkt om een verjaardagskaartje te kopen en schrijven, maar het vervolgens weeeeken op de bijrijdersstoel van d'r auto laat liggen omdat ze er pas aan denkt te posten als ze al lang en breed voorbij de brievenbus is, is dit geen handig systeem
Of dat je je wel digitaal aan kunt melden, maar dat dat dan weer moet met digi-ID. Eh, wat was m'n wachtwoord ook weer? Stik, vergeten, dan moet je digi-ID opnieuw aanvragen, nou dat doe ik straks dan wel ... ooit. Want daar heb je weer je BSN voor nodig ... en wat was die ook alweer. Moet ik opzoeken.
En als je het dan aangevraagd hebt moet je weer dagen wachten totdat het door de brievenbus valt. Dan is het moment gewoon weg. Net als met die letterbak zeg maar.

Kijk, ik ben er natuurlijk niet trots op dat ik die hele kleine moeite nog niet genomen heb om eea door te zetten en na dit pleidooi moet ik natuurlijk gewoon meteen aan de bak, maar dit is dus wel de realiteit, voor mij. En vast ook voor een hoop andere mensen. En als we die mensen nou zouden helpen door het systeem om te draaien, dan zijn we denk ik al een heel eind.

Dus dames en heren, klik hier en meld je aan voor een burgerinitiatief om het systeem aan te pakken, of klik hier en meld je aan als donor (of niet, maar denk er wel ff over na).

donderdag 12 februari 2009

Get fresh

Onderweg naar de tweede en meteen laatste beller van vanavond hoor ik een liedje op de radio. Een liedje van het begin van mijn pubertijd.
Ik heb het jaren niet gehoord maar kan het zo weer meezingen en ondertussen komen er beelden en herinneringen boven.

Mijn eerste kus. Mijn eerste sigaret. De jeugddisco's in buurthuizen (Alleman, De Kuip, De Meent). Sven, mijn liefde op afstand. Voor het eerst achterop een brommer zitten en het doodeng vinden in de bochten, maar natuurlijk niet zeggen. Mijn eerste weekendbaantje in een restaurant. Schoonmaken en salades voorbereiden. De kermis.

Get fresh at the weekend.



donderdag 5 februari 2009

Met Robinson Crusoe in bed

Gisteravond. Uurtje of 21.45. Ro heeft een leuke film gebrand en is die even halen in de studio.
Ik loop naar boven om nette werkbroek te verruilen voor ik-ga-me-er-niet-mee-op-straat-wagen-maar-hij-zit-zo-lekker-zacht-en-warm-joggingbroek en voordat ik m´n slaapkamer inloop sla ik rechtsaf om even bij mijn poepje te kijken. And a poepje it is. Gatver, stinkerdestink. 2 dagen poep in de luier. Ik doe het licht aan en trek zachtjes de deken weg.
Normaal wordt ie nooit wakker van het verschonen van z´n luier, maar nu dus wel. Klaarwakker.

Als ik klaar ben met het verschonen is meneer aan het zingen en kletsen. Om ´m weer een beetje in de slaapstand te krijgen zet ik z´n beamer aan. Jaha, het kindje heeft een heuse beamer op z´n kamertje staan.
Een apparaat dat een liedje speelt en tegelijk leuke figuurtjes op het plafond schijnt, of waar je ´m dan ook op richt. En ik ga weer naar beneden. Filmpje kijken.

Als de film is afgelopen ga ik dan toch maar richting bed. Het is natuurlijk weer veel later als dat ik eigenlijk zou willen, maar ja, filmpje kijken met Ro is gewoon wel erg leuk natuurlijk.
Als ik onderaan de trap sta hoor ik Timmy weer zingen en kletsen. Dus, voor de 2e keer sla ik rechtsaf zijn kamertje in.
Ik zeg dat ie moet gaan slapen en zet z´n beamer weer aan (die gaat na de ingestelde tijd automatisch uit namelijk). Hij wil de deur een beetje openhouden. Tuurlijk, doen we.

Ik ga douchen en me klaarmaken voor bed en duik er snel in. Onze deur ook open. Sinds mijn ik-heb-een-baby-en-wordt-dus-wakker-van-elk-geluidje-instinct is uitgedoofd heb ik onze slaapkamerdeur open, want stel dat ik ´m niet hoor … (wat natuurlijk nooit gebeurd want ik word dus gewoon heus wel wakker als ie ligt te huilen, wat eigenljk nooit gebeurt... dus hoe kan ik dat dan weten ... hmmmm).
Goed, ik lig dus een paar seconden in bed en ineens realiseer ik me dat ik het liedje dat ik hoor ken. Van vroeger. Van een cassettebandje. Met een verhaaltje van Robinson Crusoe erop. En dus dit liedje. Ik zie mezelf weer met een klein zwart cassettespelertje luisteren naar dit verhaal en liedje. Wat grappig.
Nadat ik dit bedacht heb vind ik het minder grappig. Het liedje wordt aldoor herhaald en hier kan ik dus echt niet van slapen. Ik sluip m´n bed uit en trek de deur van Timmy´s kamer zachtjes dicht.

Toch wel leuk dat hetzelfde liedje een rol heeft in allebei onze jeugd.




donderdag 22 januari 2009

De 4e van de 4e van de 4e

Stokjes ... digitale stokjes.

Ik had er wel eens iets over gelezen en ik snap het principe wel, maar hoe werken ze precies, ik weet het niet.

Iemand schrijft een blog over iets en iemand anders pakt het thema over. Ik dacht zelf altijd dat je een stokje toegeworpen moest krijgen, zo van: OK hupseflup, schrijf jij nu ook maar eens iets over de inhoud van je tas ... ofzo.

Maar nu blijkt toch een beetje dat mensen de stokjes zelf oprapen, als ze dat leuk vinden.
Nou ja, daar doe ik dan dus ook maar aan mee, meeloper die ik ben.

Het stokje dat ik zag liggen bij vele medebloggers had te maken met de 4e foto in de 4e map. Laat die zien en vertel het verhaal.

Nou is mijn pjoetert dus een stuk minder chaotisch dan ik en heeft mijn 4e map dus geen foto's maar alleen maar mappen. Ik heb dus maar de 4e van de 4e van de 4e genomen en zie hier, een foto met gekleurde paaseieren.


De foto is gemaakt met een videocamera en dus niet van geweldige kwaliteit aangezien we het hebben over 2001 en op dat moment waren de videocamera's nog niet zo goed in het maken van foto's.

Sterker nog, misschien is dit eigenlijk wel een screenshot van de video ipv een foto... zou dat wel tellen dan? Stokjes-technisch.

Ik ga toch maar even door met het verhaal achter de foto.

De foto is namelijk niet genomen in april (de maand waarin Pasen (meestal?) valt), maar in augustus. En er waren hier geen kinderen aan het zoeken, maar 50 plussers.

Nee, geen groepje demente, maar mijn familie.
Ik leg uit.

Vroeguh, toen mijn neefjes en nichtjes (en ik zelf ook natuurlijk) nog kleine donders waren ging mijn vader ieder jaar de eieren verstoppen. Het liefst in de tuin of het stuk bos bij het vakantiehuisje van mijn opa en oma in Ermelo, maar ook wel eens in de eigen tuin of in het Amsterdamse bos.

Dit was ieder jaar weer een happening inclusief speurtocht.
De oudste kindjes kregen de moeilijkste kleuren en mijn kleurenblinde neefjes de makkelijkste.
Met het groeien van de neefjes en nichtjes is het samenkomen voor het zoeken naar eieren voorbij. Niet bij ons thuis overigens, mijn vader verstopte nog toen ik al ver in de pubertijd was (was ik blij mee NOT !), maar voor de hele familie stopte het.

In 2001 hebben wij, neefjes en nichtjes een paaseierenzoek-bbq geregeld. Niet in april, maar in augustus ivm drukke agenda's en het weer, niet de kinderen die gingen zoeken (wij waren zelf toen nog de jongste generatie), maar de papa's en de mama's.

We hebben dit nog 1 keer herhaald een jaar later, maar nu zijn er een heleboel nieuwe kids, dus als die oud genoeg zijn, mogen zij gaan zoeken.

woensdag 5 november 2008

Blues on tuesday

In een poging om de puberende puistenkoppen te interesseren in gedichten kregen we van onze leraar maatschappijleer iedere week een apart gedicht.

Deze is de enige die ik me nog kan herinneren (ik had wel een beetje hulp van internet nodig):


Geen geld, geen vuur, geen speed
Geen krant, geen wonder geen wiet
Geen brood, geen tijd, geen weet
Geen klote, geen donder, geen reet


Jules Deelder